Regelgeving
Banken en crypto: OCC, Federal Reserve en SEC in november 2022

In november 2022 kregen de relaties tussen banken en cryptodiensten meer aandacht na de val van FTX. Dit artikel beschrijft het toezichtdebat en de boekhoudkundige richtsnoeren van die periode.
OCC onderzocht cryptodiensten en fintechsamenwerkingen van banken
De Amerikaanse bankentoezichthouder Office of the Comptroller of the Currency (OCC), een onafhankelijk bureau binnen het ministerie van Financiën, beschreef zijn prioriteiten in de schriftelijke verklaring van waarnemend hoofd Michael J. Hsu voor de bankencommissie van de Senaat op 15 november 2022. Hsu verwachtte dat fintech en grote technologiebedrijven samen nog meer aandacht zouden vragen dan crypto. Dat betekende niet dat cryptotoezicht werd uitgesteld.
Hsu beschreef hoe bankieren naar internet en mobiele kanalen verschoof en diensten over banken en technologiebedrijven werden verdeeld. Klantcontact, gegevensanalyse, fraudedetectie, kunstmatige intelligentie en cloudbeheer maakten de samenwerkingen complexer en veranderden het risicoprofiel.
OCC had zijn onderzoeken naar bankinformatietechnologie (BIT) aangepast aan onder meer ransomware, kunstmatige intelligentie, cloudtechnologie en gedistribueerde registers. Bestuurlijk toezicht, interne controles, informatiebeveiliging en operationele weerbaarheid waren belangrijke aandachtspunten.
Op 27 oktober 2022 kondigde Hsu een Office of Financial Technology aan, dat begin 2023 moest worden opgericht en het Office of Innovation uit 2016 zou opnemen en uitbreiden. Het ging om digitalisering in brede zin. Hij had eerder gesproken over cryptorisico’s, kwetsbaarheden en volatiliteit, normen voor stablecoins en de relatie tussen banken en crypto.
In zijn verklaring uit november 2022 meldde OCC toezicht op bijna 1.100 nationale banken, federale spaarinstellingen en buitenlandse bankfilialen. Samen hadden zij ongeveer 15,2 biljoen dollar aan activa, bijna 65% van de activa van Amerikaanse commerciële banken. Dit waren historische cijfers voor de betreffende toezichtgroep.
Voor bepaalde crypto-, blockchain- en stablecoinactiviteiten moesten instellingen destijds aantonen dat zij verantwoorde controles hadden en het toepasselijke toezichtproces volgden. Het was geen algemene toestemming voor alle cryptodiensten. Hsu’s risicobetoog kan als volgt worden samengevat:
Programmeerbaarheid, combineerbare diensten en tokenisatie konden efficiëntie opleveren, maar namen onduidelijkheid over eigendom, veranderende technologie en fraude- en cyberrisico’s niet weg. Dit is een parafrase van zijn argument.
Hsu besprak ook nauwere integratie van crypto met traditionele financiële diensten, mede in het licht van een FTX-presentatie aan de Financial Stability Oversight Council (FSOC) in juli. Hsu was lid van die raad. De gebruikelijke afkorting voor traditionele financiële dienstverlening is TradFi.
Hij waarschuwde dat integratie van een onvolwassen cryptosector met een gevestigd financieel systeem zonder passende waarborgen onverstandig zou zijn. Dit was zijn beoordeling als toezichthouder.
De FTX-groep vroeg op 11 november 2022 faillissementsbescherming aan, vóór de publicatie van dit artikel.
Banken ontwikkelden verschillende diensten voor digitale activa
De initiatieven verschilden in reikwijdte en bleven afhankelijk van geldende regels en risicocontroles. Toezichtverduidelijkingen waren geen onvoorwaardelijke goedkeuring van ieder bedrijfsmodel.
Op 11 oktober 2022 meldde Bank of New York Mellon (BN9.DE ) (BNY ) dat zijn platform voor cryptobewaring in de VS operationeel was voor geselecteerde klanten. Zij konden bitcoin en ether aanhouden en overdragen. De Digital Assets Unit was in 2021 opgericht. Een breder platform voor traditionele en digitale activa bleef daarnaast een ambitie in ontwikkeling.
Topman Robin Vince benadrukte het bereik van de bank:
Hij verwees naar dienstverlening rond meer dan 20% van de belegbare activa wereldwijd en zag daarin ruimte om financiële markten met blockchain te ontwikkelen. Dat was een beschrijving van het dienstenbereik, niet van bezit van een vijfde van alle wereldwijde beleggingen.
Het bewaarplatform was een voorbeeld van toenadering tussen TradFi en digitale activa, binnen de afbakening van de betreffende klanten en diensten.
Volgens een bericht uit juli 2021 bood JPMorgan Chase & Co (JPM.USD.SW ) toegang tot bepaalde cryptofondsen via vermogensbeheer. Het ging om fondsen, niet om directe cryptohandel of bewaring voor alle bankklanten. Dit contrasteerde met Jamie Dimons scherpe kritiek op bitcoinkopers in 2017.
In maart 2022 rapporteerde Goldman Sachs (GS ) een OTC-transactie waarbij de bank handelde in een niet-leverbare bitcoinoptie met Galaxy Digital (GLXY ). Afwikkeling in geld van een derivaat is iets anders dan aankoop en levering van bitcoin. De claim een primeur te hebben gold voor dit soort gemelde transactie door een grote Amerikaanse bank.
De val van FTX, Terra/LUNA en Celsius versterkte scepsis. Tegelijk hadden JPMorgan, Morgan Stanley (MS ), Goldman en Citigroup volgens berichten gespecialiseerde teams voor crypto en blockchain. Het bestaan van een team betekende niet dat alle mogelijke diensten al waren gelanceerd.
Fed-toezicht en SEC-boekhoudkundige richtsnoeren in 2022
OCC, Federal Reserve (Fed) en Securities and Exchange Commission (SEC) hadden verschillende taken. Bankbevoegdheden, toezichtverwachtingen en boekhouding voor bewaarde klantcrypto moeten daarom apart worden beoordeeld.
De Fed-brief van augustus 2022 gold voor bankorganisaties onder Fed-toezicht, niet voor elke Amerikaanse bank. Hij behandelde rechtmatigheid, eventuele aanvragen, voorafgaande kennisgeving en toereikende controles. De richtsnoeren werden in april 2025 ingetrokken; hier gaat het om de historische situatie. Crypto werd ook genoemd als een mogelijk risico in de financiële-stabiliteitsrapportage. De plaats in een lijst met antwoorden van marktcontacten was geen formele rangorde van toezichtprioriteiten.
Michael Barr, toen vicevoorzitter voor bankentoezicht bij de Fed, uitte op 15 november zorgen over risico’s buiten de banksector, waaronder crypto. Gebrekkig inzicht en onvoldoende gegevens maakten mogelijke overdracht naar gereguleerde banken moeilijk zichtbaar.
Zijn kernpunt was dat ondoorzichtige activiteiten buiten banken konden terugwerken op het financiële systeem dat toezichthouders wel controleerden. Dit vat zijn argument samen.
Over de SEC-stafrichtsnoeren SAB 121 uit 2022 werd bericht als een uitdaging voor cryptobewaring. Voor toepasselijke rapporterende ondernemingen met een bewaarplicht voor klantcrypto voorzag de richtlijn in zowel een bewaarverplichting als een corresponderend actief, gewaardeerd tegen reële waarde. Het was geen verplichting in plaats van een actief. Dit waren stafrichtsnoeren, geen afzonderlijke Commissieregel of onvoorwaardelijke bepaling voor alle beursgenoteerde ondernemingen. Bronnen vertelden Reuters dat sommige banken hogere kapitaalkosten en belemmeringen voor projecten ervoeren. SAB 121 werd later in januari 2025 ingetrokken via SAB 122.
Afgevaardigde Trey Hollingsworth bekritiseerde destijds het proces:
Hij verwees naar zorgen van banken en andere belanghebbenden over toetreding tot cryptobewaring en vond dat de sector vooraf onvoldoende inspraak had gehad. Dat was zijn kritiek, geen rechterlijk oordeel dat de boekhoudkundige behandeling ongeldig was.













