Cyberbeveiliging
Hoe blockchain wordt herbouwd voor het kwantumtijdperk

Blockchain-netwerken werden oorspronkelijk ontworpen rond een bedrieglijk eenvoudig idee: een grootboek over vele computers verspreiden, de records cryptografisch koppelen en ongeautoriseerde wijzigingen praktisch onmogelijk maken. Die basis maakte Bitcoin (BTC ) mogelijk, maar het was niet gebouwd om elke betaling, financiële toepassing, digitale identiteit en bedrijfsworkflow te ondersteunen die ontwikkelaars nu voor ogen hebben.
Een recent geaccepteerde studie in ICT Express1 onderzoekt hoe blockchain-architectuur zich ontwikkelt als reactie. Na het screenen van 830 documenten behielden de onderzoekers 125 papers die cryptografische primitive, consensusmechanismen, schaaloplossingen, privacymethoden en opkomende beveiligingsrisico’s behandelen.
Het resulterende beeld is niet simpelweg dat van snellere blockchains. De industrie vervangt geleidelijk monolithische ontwerpen door gespecialiseerde componenten die transacties kunnen verwerken, resultaten kunnen verifiëren, privacy kunnen behouden en records kunnen beschermen tegen veranderende bedreigingen. Deze transitie kan bepalen of blockchain een gespecialiseerde financiële technologie blijft of een duurzame infrastructuur wordt voor een veel bredere digitale economie.
Waarom blockchains van de eerste generatie structurele grenzen bereiken
Traditionele blockchains vragen doorgaans veel knooppunten om hetzelfde werk te herhalen. Deze redundantie maakt een netwerk moeilijk te manipuleren, maar beperkt ook de doorvoersnelheid en verhoogt de rekenvereisten. Naarmate de activiteit toeneemt, kunnen gebruikers hogere kosten, langere afwikkelingstijden en concurrentie om beperkte blokruimte ervaren.
Dit creëert het bekende blockchain‑trilemma: schaalbaarheid verbeteren zonder de beveiliging of decentralisatie wezenlijk te verzwakken. Geen enkele architectuur elimineert de afweging volledig. In plaats daarvan verdelen nieuwere systemen verantwoordelijkheden zodat elk component geoptimaliseerd kan worden voor een specifieke taak.
Dit is al zichtbaar in de uitbreiding van Layer-2-protocollen voor Ethereum-schaalvergroting (ETH ). In plaats van de basis‑blockchain te dwingen elke actie uit te voeren, verwerken Layer‑2‑systemen activiteiten afzonderlijk en sturen ze gecomprimeerde data of cryptografische bewijzen naar het onderliggende netwerk.
Het artikel identificeert verschillende technologieën die deze volgende architecturale fase vormgeven:
- Layer-2‑rollups en state‑channels
- Modulaire blockchains en sharding
- Parallelle transactieverwerking
- Zero‑knowledge‑bewijzen
- Post‑kwantum‑cryptografische systemen
Deze ontwikkelingen worden vaak afzonderlijk besproken. Hun grotere betekenis wordt duidelijk wanneer ze worden gezien als onderdelen van dezelfde transitie. Blockchain beweegt zich weg van netwerken die alles doen en richting systemen die zijn opgebouwd uit interoperabele beveiligings-, uitvoerings-, afwikkelings- en data‑beschikbaarheidslagen.
Layer‑2‑netwerken verplaatsen werk van de basis‑keten
Layer‑2‑netwerken verhogen de capaciteit zonder dat de onderliggende blockchain elke transactie direct hoeft te verwerken. Rollups groeperen meerdere transacties, voeren ze uit buiten de basislaag en publiceren de resulterende informatie of het bewijs terug naar die laag. State‑channels stellen deelnemers in staat ondertekende updates privé uit te wisselen en gebruiken de hoofd‑blockchain voornamelijk om het kanaal te openen of te sluiten.
Dit kan congestie en kosten verminderen terwijl een verbinding met de beveiliging van het basisnetwerk behouden blijft. Het creëert ook nieuwe afhankelijkheden. Gebruikers moeten rekening houden met de betrouwbaarheid van de sequencer, de beveiliging van bridges, bewijssystemen, upgrade‑controles en of activiteit op de tweede laag uiteindelijk het onderliggende netwerk ten goede komt.
De verschuiving is zichtbaar in de OP Stack, die functies zoals uitvoering, afwikkeling, sequencing en data‑beschikbaarheid scheidt. In een recent Securities.io‑interview beschreef Optimism‑oprichter Jinglan Wang hoe deze modulaire blockchain‑infrastructuur individuele componenten kan configureren of upgraden zonder een heel netwerk opnieuw op te bouwen.
Dit is meer dan een technische verbetering. Gestandaardiseerde infrastructuur zou bedrijven in staat kunnen stellen toepassingsspecifieke ketens te implementeren zonder elke component van verschillende leveranciers samen te stellen. Blockchain‑ontwikkeling zou beginnen te lijken op cloud‑computing, waarbij organisaties diensten kiezen op basis van prestaties, beveiliging en regelgeving in plaats van zelf de volledige stack te bouwen.
Modulaire blockchains maken van architectuur een marktplaats
Een monolithische blockchain combineert uitvoering, consensus, afwikkeling en data‑beschikbaarheid in één systeem. Een modulaire blockchain scheidt een deel of al deze functies. Eén laag kan smart contracts uitvoeren, een andere kan transactie‑data beschikbaar maken, en een derde kan de uiteindelijke afwikkeling verzorgen.
Deze verdeling kan de efficiëntie verbeteren omdat elke laag is ontworpen voor een kleinere werklast. Sharding volgt een verwant principe door netwerkverwerking en -opslag op te splitsen in kleinere groepen die parallel opereren. Parallelle uitvoerings‑engines gaan nog een stap verder door onafhankelijke transacties te identificeren die gelijktijdig kunnen worden verwerkt.
Het artikel vergelijkt de belangrijkste architecturale benaderingen als volgt:
| Architectuur | Schaalbaarheid | Transactiesnelheid | Beveiliging | Voorkeursapplicatie |
|---|---|---|---|---|
| Monolithische blockchain | Gemiddeld | Gemiddeld | Hoog | Algemene blockchain |
| Layer‑2‑architectuur | Zeer hoog | Hoog | Hoog | Gedecentraliseerde financiën |
| Sharded blockchain | Zeer hoog | Zeer hoog | Hoog | Grootschalige transactieverwerking |
| Modulaire blockchain | Zeer hoog | Hoog | Hoog | Flexibele en gespecialiseerde blockchainsystemen |
| Permissioned blockchain | Zeer hoog | Zeer hoog | Hoog | Enterprise, Healthcare en Supply Chains |
| Hybride blockchain | Hoog | Hoog | Hoog | Toepassingen over meerdere domeinen |
Modulariteit brengt eigen risico’s met zich mee. Als meerdere lagen nodig zijn om een transactie te voltooien, is het gehele systeem slechts zo betrouwbaar als hun onderlinge interactie. Een falen in gegevensbeschikbaarheid, bridging, sequencing of bewijsverificatie kan een anderszins veilige toepassing ondermijnen. Investeerders moeten daarom vermijden te veronderstellen dat een hogere theoretische transactiesnelheid automatisch een sterker netwerk oplevert.
Zero‑knowledge proofs verbinden privacy met schaalbaarheid
Zero‑knowledge proofs stellen één partij in staat aan te tonen dat een bewering geldig is zonder de onderliggende informatie prijs te geven. Een gebruiker kan bewijzen dat een transactie voldoet aan de netwerkregels of dat er voldoende saldo beschikbaar is zonder elk accountdetail te onthullen.
In blockchainsystemen lost deze mogelijkheid twee problemen tegelijk op. Het kan gevoelige informatie beschermen terwijl veel off‑chain transacties worden weergegeven door een compacte proof. zk‑SNARKs en zk‑STARKs behoren tot de bekendste implementaties, hoewel het genereren van proofs aanzienlijke rekenkracht en zorgvuldige cryptografische engineering kan vereisen.
De consequenties reiken verder dan de privacy van cryptocurrency. Bedrijven kunnen vertrouwelijke klant‑, medische of commerciële gegevens niet op een openbaar leesbaar grootboek plaatsen alleen omdat het grootboek manipulatiebestendig is. Privacy‑behoudende verificatie zou organisaties in staat kunnen stellen compliance, identiteit, eigendom of transactiewaarde te bewijzen zonder de data die tot die conclusie leidden bloot te leggen.
Dit maakt zero‑knowledge‑technologie een potentiële brug tussen publieke verificatie en institutionele vertrouwelijkheid. De belangrijke metriek zal niet alleen zijn hoeveel transacties een netwerk adverteert. Kosten voor proof‑generatie, verificatietijd, interoperabiliteit en implementatiebeveiliging zullen bepalen welke systemen praktische adoptie kunnen ondersteunen.
Quantum computing creëert een cryptografisch vervalrisico
Blockchain‑records zijn persistent, maar de cryptografische algoritmen die ze beschermen zijn niet gegarandeerd voor altijd veilig. Veel netwerken gebruiken elliptische‑curve digitale handtekeningen om eigendom vast te stellen en transacties te autoriseren. Een voldoende capabele quantumcomputer zou uiteindelijk de wiskundige aannames achter deze handtekeningen kunnen ondermijnen.
Dit betekent niet dat quantumcomputers momenteel blockchain‑activa op grote schaal kunnen overnemen. Het betekent wel dat netwerken een geloofwaardig migratiepad nodig hebben voordat die mogelijkheid zich voordoet. De uitdaging is vooral moeilijk voor blockchains omdat oude adressen, publieke sleutels, slimme contracten en permanent vastgelegde transacties mogelijk lang na de introductie van een nieuw algoritme blootgesteld blijven.
De overgang is al verder gegaan dan theorie in de conventionele cyberbeveiliging. Het US National Institute of Standards and Technology heeft de eerste post‑quantum‑standaarden afgerond en HQC als back‑up encryptie‑algoritme geselecteerd. Blockchain‑ontwikkelaars moeten nu cryptografische wendbaarheid overwegen: het vermogen om algoritmen te vervangen zonder het netwerk te fragmenteren, gebruikers de toegang tot hun activa te ontzeggen of bestaande software ongeldig te maken.
Het artikel bespreekt op lattices gebaseerde, hash‑gebaseerde, code‑gebaseerde en andere post‑quantum‑benaderingen. Elk brengt afwegingen met zich mee qua handtekeninggrootte, rekentijd, opslag en compatibiliteit. Daardoor zal de winnende strategie mogelijk geen onmiddellijke universele migratie zijn. Netwerken kunnen eerst blootgestelde accounts identificeren, optionele quantum‑resistente adressen introduceren en mechanismen creëren voor het veilig overdragen van activa voordat oudere handtekeningen kwetsbaar worden.
De echte concurrentie verschuift van ketens naar stacks
De belangrijkste implicatie van het artikel is dat het vergelijken van blockchains uitsluitend op basis van transacties per seconde steeds minder bruikbaar wordt. De prestaties zijn steeds meer afhankelijk van een volledige stack die onder meer een uitvoeringslaag, sequencer, bewijsgenerator, data‑availability‑service, brug, afwikkelingsnetwerk en cryptografisch sleutelsystemen kan omvatten.
Dit verandert de manier waarop beleggers de sector moeten evalueren. Een netwerk kan activiteit aantrekken zonder duurzame waarde voor zijn token te creëren. Een snellere laag kan economisch afhankelijk zijn van een ander netwerk voor afwikkeling. Een modulair systeem kan flexibiliteit bieden, maar introduceert governance‑ en interoperabiliteitsrisico’s. Claims over kwantumbestendigheid kunnen bovendien onvolledig zijn als wallets, bridges, validators of legacy‑adressen nog steeds kwetsbare cryptografie gebruiken.
De sterkste platformen zullen waarschijnlijk die zijn die technische prestaties combineren met betrouwbare governance, veilige migratie, ontwikkelaarstools en compatibiliteit met regelgeving. Architectuur wordt steeds meer een product, maar operationele betrouwbaarheid zal bepalen of dat product van experiment tot kritieke infrastructuur kan doorgroeien.
Investeren in de volgende generatie blockchain‑infrastructuur
De convergentie van modulair blockchain‑ontwerp en kwantumbestendige beveiliging creëert een natuurlijke overgang van digitale activa naar enterprise‑technologie. Beleggers die publieke marktblootstelling zoeken, kunnen IBM overwegen, hoewel het gezien moet worden als een gediversifieerd technologiebedrijf en niet als een pure blockchain‑speler.
IBM’s blockchain‑werk draait om Hyperledger Fabric, een enterprise‑grade permissioned framework met modulaire componenten, identiteitscontroles, private kanalen en configureerbare consensus. Deze kenmerken sluiten aan bij de redenering van het artikel dat praktische implementaties een balans moeten vinden tussen schaalbaarheid, privacy, interoperabiliteit, governance en beveiliging, in plaats van één enkele metric te maximaliseren.
Het bedrijf ontwikkelt ook quantum‑computingsystemen terwijl het ondernemingen helpt hun bestaande infrastructuur voor post‑kwantumbeveiliging en cryptografische flexibiliteit klaar te maken. IBM’s werk op post‑kwantumbeveiliging en cryptografische flexibiliteit geeft het relevantie voor zowel de kans als de bedreiging die in de studie worden besproken.
Voor beleggers is de stelling niet dat blockchain op zichzelf een dominante bron van IBM‑omzet zal worden. Het meer verdedigbare argument is dat ondernemingen die gedistribueerde grootboeken, digitale activa en kwantumbestendige systemen adopteren, integratie, hybride‑cloudinfrastructuur, cyberbeveiligingsexpertise en langdurige technische ondersteuning nodig zullen hebben. IBM is gepositioneerd in dat bredere moderniseringsproces.
IBM Prijsgrafiek
De volgende generatie blockchain zal worden gemeten aan de hand van duurzaamheid
De oorspronkelijke doorbraak van blockchain was het vermogen om een gedeeld register bij te houden zonder te vertrouwen op één centrale operator. De volgende uitdaging is om dat model snel, privé, interoperabel, economisch duurzaam en veilig te maken tegen bedreigingen die nog niet praktisch zijn.
Layer‑2‑netwerken, modulaire componenten, sharding, parallelle uitvoering en zero‑knowledge‑proofs leveren verschillende delen van het antwoord. Post‑kwantumcryptografie voegt een langetermijnvereiste toe: netwerken moeten hun beveiligingsfundamenten kunnen wijzigen zonder continuïteit of eigendom van de gebruiker op te offeren.
Het resultaat zal niet noodzakelijk één blockchain zijn die elke concurrent verslaat. Een waarschijnlijker uitkomst is een ecosysteem van gespecialiseerde lagen die via gedeelde standaarden en cryptografische bewijzen met elkaar verbonden zijn. In die omgeving kan de meest waardevolle infrastructuur de technologie zijn die blockchains veilig laat evolueren, niet simpelweg de keten die vandaag het grootste aantal transacties verwerkt.
Referenties:
1 Khan, J., Khan, G. A., Alam, I., Khan, M. R., Sharma, S., Hussain, T., Khan, M. A., Prasuna, P. M., & Alghamdi, A. A. (2026). Volgende‑generatie blockchain‑architecturen: een diepgaand onderzoek naar door cryptocurrency gedreven innovatie. ICT Express. https://doi.org/10.1016/j.icte.2026.09.006












