Energie
EBITDA van Veolia stijgt terwijl de omzetgroei in het derde kwartaal versnelt

Veolia maakte de resultaten over de eerste negen maanden bekend op 5 november 2026. De omzetgroei versnelde in het derde kwartaal tot 5,0% bij een ongewijzigde consolidatiekring en constante wisselkoersen, exclusief energieprijzen. De EBITDA over de eerste negen maanden steeg autonoom met 5,1% tot € 5,40 miljard. De EBITDA-marge nam met 50 basispunten toe, van 15,7% tot 16,2%.
De omzet over de negen maanden tot en met 30 september 2026 kwam uit op € 33,31 miljard, tegenover € 32,32 miljard een jaar eerder. De groei bedroeg 2,1% bij een ongewijzigde consolidatiekring en constante wisselkoersen, of 2,6% exclusief energieprijzen. De courante EBIT vóór de PPA’s van Suez en Clean Earth steeg op die basis met 6,7%, van € 2,74 miljard naar € 2,95 miljard. Beide winstmaatstaven groeiden sneller dan de omzet, waardoor de operationele prestaties centraal staan in de resultaten. CEO Estelle Brachlianoff zei in het persbericht over de resultaten: ‘Deze prestatie laat zien wat de voordelen zijn van onze terugkerende efficiëntieplannen, de strikte discipline in ons operationeel beheer en ons vermogen om indien nodig aanvullende actieplannen uit te voeren.’
Wateractiviteiten en internationale activiteiten stuwen de groei
De omzet uit wateractiviteiten steeg bij een ongewijzigde consolidatiekring en constante wisselkoersen met 2,6% tot € 13,17 miljard. De omzet van Municipal Water groeide met 4,5% tot € 9,76 miljard, dankzij tariefverhogingen, hogere volumes en commerciële successen. De resultaten van Water Technologies waren zwakker: de omzet daalde met 2,5% tot € 3,40 miljard, maar steeg met 2,6% wanneer projecten buiten beschouwing worden gelaten. De omzet in het derde kwartaal, exclusief projecten, nam met 6,4% toe. Dat volgde op verstoringen in de eerste helft van het jaar door de geopolitieke situatie in het Midden-Oosten en op daaropvolgende prijs- en bedrijfsontwikkelingsinitiatieven.
De omzet uit afvalactiviteiten steeg met 1,5% tot € 12,08 miljard. De groei van Solid Waste versnelde in het derde kwartaal tot 4,3%. De omzet uit energie kwam uit op € 8,07 miljard, een autonome stijging van 2,3% en een stijging van 3,8% exclusief energieprijzen.
Bij een ongewijzigde consolidatiekring en constante wisselkoersen steeg de omzet in Noord- en Zuid-Amerika, Azië-Pacific, Afrika en het Midden-Oosten met 4,7% tot € 9,07 miljard. In het derde kwartaal versnelde de groei tot 6,2%. Latijns-Amerika groeide over de eerste negen maanden met 10,9%, terwijl Noord-Amerika een groei van 4,8% liet zien. Europa was goed voor € 14,25 miljard, een stijging van 2,8%; in het derde kwartaal bedroeg de groei 6,9%. De omzet in Frankrijk en bij Hazardous Waste Europe daalde over de eerste negen maanden met 0,2%, maar groeide in het derde kwartaal weer met 0,9%. Dat laat zien dat de versnelling niet beperkt bleef tot de internationale markten.
Clean Earth leidt de verschuiving in de portefeuille
Veolia meldde dat de overname van Clean Earth voor US$ 3 miljard, die in juni 2026 werd afgerond, de omzet uit gevaarlijk afval in de Verenigde Staten heeft verdubbeld. De integratieorganisatie is opgezet. De synergievoordelen moeten vanaf 2027 worden gerealiseerd; het bedrijf streeft naar US$ 120 miljoen aan synergievoordelen in het vierde jaar.
Het bedrijf heeft in het kader van zijn programma van meer dan € 2 miljard voor € 570 miljoen aan desinvesteringen vastgelegd, tegen een gemiddelde multiple van 10,4 keer de EBITDA over 2025. Alle verkooptrajecten zijn gestart en het management streeft ernaar deze medio 2028 af te ronden.
Veolia werd geselecteerd als winnende inschrijver voor een aanbesteding van € 1 miljard met een looptijd van 25 jaar voor drinkwaterdiensten in acht gemeenten in het metropolitane gebied van Barcelona, waar meer dan 230.000 mensen wonen. Veolia meldde ook dat het sinds begin 2026 voor € 343 miljoen aan opdrachten voor watertechnologie in de micro-elektronica heeft geboekt. Daaronder vallen contracten voor ultrapuur water en de terugwinning van afvalwater met fabrikanten van halfgeleiders in Singapore en de Verenigde Staten.
Kasstroom en schulden bepalen de vooruitzichten
De netto financiële schuld vóór de PPA van Suez bedroeg op 30 september € 25,42 miljard, tegenover € 19,66 miljard op 31 december 2025. Financiële investeringen, na aftrek van desinvesteringen, vergden € 2,86 miljard, waarvan hoofdzakelijk € 2,80 miljard voor Clean Earth. Ook dividenduitkeringen van € 1,10 miljard en de aflossing van € 500 miljoen aan hybride schuld hadden invloed op de schuldenlast.
De netto vrije kasstroom bedroeg min € 200 miljoen. De netto-investeringen bedroegen in totaal € 2,58 miljard, waaronder € 192 miljoen voor projecten voor de verwerking van gevaarlijk afval. De mutatie in het operationeel werkkapitaal bedroeg min € 1,49 miljard, tegenover min € 1,27 miljard een jaar eerder. Dit kwam door langere betalingstermijnen in het Midden-Oosten en minder vooruitbetalingen bij de projectactiviteiten.
Het management bevestigde de prognose van een autonome EBITDA-groei van 5% tot 6%, een groei van minstens 8% van de courante nettowinst toekomend aan de groep, vóór de PPA’s van Suez en Clean Earth en bij constante wisselkoersen, met inbegrip van Clean Earth, een groei van de courante winst per aandeel in lijn met die maatstaf, een dividendgroei in lijn met de courante winst per aandeel, een schuldratio aan het einde van het jaar van drie keer of iets meer met Clean Earth, en een bijdrage van Clean Earth aan de courante nettowinst vanaf 2027.
De resultaten laten dus een combinatie zien van sterkere onderliggende groei en een hogere EBITDA-marge, tegenover een hogere schuld en een negatieve seizoensgebonden vrije kasstroom. De centrale vraag voor de komende resultaten is of de kasstroomgroei gelijke tred houdt met de door overnames gedreven expansie, terwijl de synergievoordelen van Clean Earth en het desinvesteringsprogramma nog worden gerealiseerd.












